Informatieplicht voor bedrijven. Energiebesparing volop in de aandacht!

In de periode tussen januari en juli 2019 moeten bedrijven en organisaties een melding doen over hun energieverbruik en de besparingsmaatregelen die men al heeft genomen.

De informatieplicht energiebesparing voor bedrijven en organisaties (hierna inrichtingen) treedt vanaf 1 juli 2019 in werking. Dit is meteen ook de einddatum om aan deze nieuwe eis te voldoen. Iedere inrichting die onder de energiebesparingsplicht valt, moet óók een rapport opsturen aan het bevoegd gezag. Specifiek voor de informatieplicht geldt dat inrichtingen die aan de Meerjarenafspraken energie-efficiëntie zijn toegetreden, nadrukkelijk niet onder de nieuwe plicht vallen.

Waarom een informatieplicht?

Uit de Nationale Energieverkenning 2017 blijkt dat het toezicht op (en handhaving van) de energiebesparingseis tegen hindernissen aanloopt. Hiermee komt een belangrijk deel van het doel in het Energieakkoord voor duurzame groei buiten bereik. Het niet hebben van voldoende informatie over een inrichting is een belangrijke hindernis. Het gaat om gegevens waarmee de controle op de energiebesparingsplicht gebeurt. Door een informatieplicht te presenteren, komt de informatie vrij waarmee ook informatie gestuurde handhaving beter mogelijk wordt. Tegelijk moedigt de informatieplicht “het bedrijfsleven” aan om met energiebesparing te starten.

Wat betekent de informatieplicht voor een inrichting?

Een drijver van een inrichting geeft de genomen energiebesparende maatregelen aan.  Uitgangspunt vormt de lijst met erkende maatregelen voor energiebesparing die voor een bedrijfstak is gemaakt. Deze maatregelen staan in bijlage 10 van de Activiteitenregeling.

Wanneer moet aan de informatieplicht zijn voldaan?

Op zijn laatst moet op 1 juli 2019 van iedere inrichting een rapport bij het bevoegd gezag zijn ingeleverd. Daarna geldt dat eenmaal per vier jaar een nieuw rapport is opgestuurd. Dit is geregeld in het toekomstige artikel 2.15, tweede lid, van het Activiteitenbesluit. Specifiek voor EED-ondernemingen geldt dat op zijn laatst op 5 december 2019 een rapport bij het bevoegd gezag is ingeleverd.

Hoe kan een inrichting een rapport opsturen?

Via het eloket van RVO.nl kan iedere drijver van de inrichting het rapport (laten) opsturen bij RVO.nl. Hiervoor moet de inrichting Eherkenning hebben. De informatie wordt door RVO.nl één op één doorgezonden aan het bevoegd gezag voor een inrichting.

Hoe kan aan de informatieplicht zijn voldaan?

Een drijver van de inrichting leeft de informatieplicht na als op zijn laatst op 1 juli 2019 naar waarheid een compleet rapport is opgestuurd. Met deze informatie bepaalt het bevoegd gezag of binnen een korte tijd een controle nodig is. Dit om te bepalen of de drijver van de inrichting zich houdt aan de energiebesparingsverplichting. Door alle, voor de inrichting, geschikte maatregelen te nemen van de erkende maatregellijst kan een bedrijf voldoen aan zijn energiebesparingsverplichting. Een drijver kan afwijken van de erkende maatregelen door een andere maatregel te treffen. Het gaat om een maatregel die ten minste gelijkwaardig is (of beter) als het energiebesparende effect van de erkende maatregel. De drijver moet deze gelijkwaardigheid via het rapport toelichten aan het bevoegd gezag. Dit is geregeld in het toekomstige artikel 2.15, derde lid, van het Activiteitenbesluit.